Deze gegoten ruiterfiguren, opgegraven in Tsjaad, zijn gegoten door de Kotoko, afstammelingen van de Sao (die in de 16e eeuw verdwenen).De Kotoko waren erfgenamen van een oud volk dat bekend stond als de Sao, dat al zo vroeg als de vijfde eeuw v.Chr. in de zuidelijke regio van het Meer van Tsjaad leefde. Onder externe druk verplaatsten de Sao zich in de loop der tijd naar het noordwesten van het huidige Kameroen en vestigden zich in het heuvelachtige gebied waar de huidige Kotoko hen als voorouders beschouwen. Door tradities van andere immigrantengroepen in hun gebied over te nemen, begroeven de Sao hun doden in grote urnen, een praktijk die te zien is in een breed gebied dat zich uitstrekt van de Niger-rivier via Tsjaad, Niger, Nigeria en naar de noordelijke regio’s van Kameroen. Figuren gegoten in brons werden gemaakt als begrafenisdoffers of gedenktekens.Aangetekende zending
Veilingagenda gebruikt cookies om je een zo goed mogelijke service te bieden. Zie ons cookie statement. Door verder te gaan op deze website stem je in met deze cookies.